Afgelopen zondag was ik bij de opening van de tentoonstelling ‘Tussen Kunst en Koe’. Op het ‘galeriepleintje’ was het gevolg van de vreselijke brand voor veel mensen natuurlijk zichtbaar. Tijdens de opening werd de suggestie gedaan om tijdelijk iets te doen aan het zicht op de zwartgeblakerde huizen.
Men ging er vanuit dat men daarvoor bij de gemeente moest zijn voor bijvoorbeeld de ‘christoverpakking’. Hoewel ik alleen voor mezelf kan spreken had ik niet de indruk dat men daarom zich niets van het leed van de getroffen families zou aantrekken. Toen mij het verzoek werd gedaan als wethouder mee te werken aan een andere afscheiding of verpakking heb ik duidelijk gemaakt dat ik hierover eerst in het college wilde spreken. Bovendien ging ik er vanuit dat er dan ook met de eigenaren moest worden besproken. Dat ik het idee niet gelijk afwees, betekende niet dat ik het daarom wilde. Zulke verzoeken stem je eerst af in het college. Niet meer en niet minder dan dat. Vanochtend in het college bleek mij dat we er überhaupt niet over gaan en dat dit een zaak is van de eigenaren zelf. Hooguit kan het college de eigenaren op de hoogte brengen dat er zo’n verzoek is of de diegenen die dit graag willen te verwijzen naar de eigenaren, waarbij ik nadrukkelijk in acht zou willen nemen, dat de getroffenen al met zoveel ellende te maken hebben dat ik hoop dat het medeleven met de getroffenen op de eerste plaats staat.
Margo van de Fliert
