Vandaag herdenken wij de mensen die hun leven gaven voor onze vrijheid. Niet alleen de inwoners van Sassenheim, Voorhout en Warmond die met name genoemd staan op de monumenten. Ook herdenken we alle niet genoemde mensen die hun leven gaven voor dat van anderen. We staan vandaag ook stil bij de betekenis van vrijheid nu, in Teylingen, in ons land en de landen om ons heen.
De dodenherdenking van nu doet daarmee een beroep op ons allemaal ongeacht leeftijd, huidskleur, culturele herkomst of religieuze voorkeur. Een beroep op ons om onderdrukking, discriminatie en rechteloosheid tegen te gaan. Verzameld rond onze monumenten in Teylingen bezinnen wij ons op verleden en toekomst.
Vrijheid kunnen we doorgeven, van generatie op generatie, van land tot land. Door iets van onze rijkdom te delen met anderen die moeten vluchten. Door rijkdom te delen opdat in grote delen van de wereld armoede en honger worden opgelost en gezondheid en onderwijs worden bevorderd. Door ons te verzetten tegen elke schending van mensenrechten en beroving van identiteit.
Het jaarthema
Het Nationaal Comité heeft – als onderdeel van het overkoepelend thema Vrijheid maak je met elkaar –gekozen voor het thema “Vrijheid en identiteit” als thema voor 2009.
Identiteit
Wat is dat eigenlijk, identiteit? Het woord is afkomstig van het Latijnse idem, dat ‘hetzelfde’ betekent. Een groep mensen die in een zelfde woonomgeving wonen of specifieke gewoonten en tradities met elkaar delen, die dezelfde taal spreken of een dezelfde wereldbeschouwing of religie aanhangen, hebben een gemeenschappelijke culturele identiteit. Ieder mens ontleent zijn persoonlijke identiteit in belangrijke mate aan wat hij deelt met de andere leden van zijn cultuur.
Mensen zijn doorgaans en om goede redenen gehecht aan hun persoonlijke en culturele identiteit. Een identiteit biedt bescherming, houvast, vertrouwdheid. Dat beseffen we vooral wanneer we ons in een vreemde cultuur bevinden waarvan we de taal niet spreken, of waarvan gewoonten sterk afwijken van de onze. Of wanneer we ons in gezelschap bevinden van personen wiens identiteit sterk afwijkt van de onze. Dat is soms aangenaam en opwindend, bijvoorbeeld wanneer we het in een vakantie opzoeken, maar het kan ook ongemak of angst oproepen.
Bij identiteit gaat het nooit om alles of niets. Zo kunnen mensen bijvoorbeeld dezelfde taal of in dezelfde omgeving wonen, maar hebben bijvoorbeeld een verschillende religie. Daarnaast gaat persoonlijke identiteit nooit volledig op in die van de cultuur waarin men leeft. Ieder mens heeft een unieke persoonlijke identiteit.
Culturele en persoonlijke identiteiten zijn bovendien niet in zichzelf besloten, maar ontlenen altijd elementen aan andere culturen en personen. Vaak wordt vergeten dat de typische Nederlandse cultuurgoederen zoals de aardappel en de tulp hun ‘oorsprong’ hebben in respectievelijk Zuid-Amerika en Turkije. Ook de persoonlijke identiteit is vaak een samenspel van allerlei elementen die van andere mensen zijn overgenomen. Doordat we meer reizen, de media in staat zijn ons op soms een indringende wijze een inkijk te geven in alle gebieden in de wereld is de culturele en persoonlijke uitwisseling in een hogere versnelling terechtgekomen, wat soms de indruk wekt dat de ‘eigen’ identiteit verloren gaat.
De basis van onze identiteit kiezen we echter niet zelf. Voor een deel valt die identiteit ons toe. Zo kies je er bijvoorbeeld niet voor in het tweede deel van de twintigste eeuw in Teylingen geboren te worden. Dat is iets wat je simpelweg overkomt. Maar hoe we die gegeven identiteit vervolgens in ons leven vormgeven, dat is in grote mate afhankelijk van de keuzes die we maken. Denk bijvoorbeeld aan de keuze voor een bepaalde opleiding of beroep, de keuze voor de partner met wie je je leven wilt delen of de keuze om op een bepaalde politieke partij te stemmen.
Hoewel de vrijheid onze identiteit vorm te geven groot is, is deze niet absoluut. Je eigen leven speelt zich af tussen identiteit en vrijheid, waarbij de verhouding per mens en per cultuur verschilt. Waar de identiteit de vrijheid gaat overheersen, gaat zij als een gevangenis fungeren. Maar als de vrijheid de identiteit ondermijnt, raken mensen al snel ontworteld. Janis Joplin zong in de jaren zestig ‘Freedom is just another word for nothing left to lose’. Dat klinkt heel mooi, vooral met een glas wijn in de hand bij de open haard. Asielzoekers en dakloze zwervers denken daar echter vaak heel anders over. Wie niets te verliezen heeft, ontbeert ook elke bescherming en elk houvast. Bovendien zou het een illusie zijn te denken dat je werkelijk afstand zou kunnen doen van je identiteit.
Tolerantie
In de Tweede Wereldoorlog is bij uitstek gebleken hoe ideeën over identiteit de vrijheid kunnen aantasten. Ideeën over de eigen superieure identiteit werden gebruikt om het oorlogsgeweld en de vervolgingen te rechtvaardigen. Degenen die niet bij de eigen groep hoorden, werden als minderwaardig behandeld, uitgesloten en in veel gevallen vervolgd en vermoord. Kunnen we zulke ontsporingen voorkomen? Ook vandaag de dag worden oorlogen uitgevochten waarbij identiteit een grote rol speelt. Hoe komt dat toch? Wanneer wordt identiteit een gevaar voor de vrijheid?
Om vat te krijgen op zo’n moeilijke vraag, is het nuttig te bedenken dat identiteit een veelzijdig begrip is. Identiteit heeft allerlei kanten en uitingsvormen en draagt daarmee veel mogelijkheden in zich om je te herkennen of te verbinden met anderen. Welke kant van je identiteit naar boven komt, hangt af van het moment en de omgeving. Ook in een vrije samenleving past een mens zich vaak aan de omgeving en de verwachtingen van anderen, zonder zichzelf daarbij geweld aan te doen. Dat moet ook wel: de vrijheid om een identiteit te vormen en te uiten kan alleen bestaan als mensen rekening met elkaar houden, elkaar de ruimte geven en zich af en toe een beetje inhouden. Het is wel moeilijk om hier een grens te stellen: een mens die zich volledig aanpast aan de omgeving, gebruikt de vrijheid niet. Maar iemand die nooit rekening houdt met anderen, laat anderen eigenlijk geen vrijheid. Waar ligt de middenweg?
Vrijheid en identiteit staan op gespannen voet met elkaar. Beide hebben ruimte nodig om te kunnen ademen. Die ruimte is er ook. Meer dan genoeg zelfs. Maar als de één zich sterk maakt ten koste van de ander, ontstaat er verstikkingsgevaar. Dan dreigen zowel de vrijheid als de identiteit het loodje teleggen. Op zijn minst is het nodig om erachter te komen wie en wat je bent, wat je identiteit is. Identiteit is primair iets van jezelf. Maar om er iets zinnigs over te kunnen zeggen, heb je de spiegel van een ander nodig. Om vast te kunnen stellen: ‘zo ben ik’, ‘zo ben ik niet’,tot en met, ‘zo wil ik zijn’, ‘zo wil ik niet zijn’. Die spiegel helpt ons te ontdekken bij wie en wat we ons thuis voelen. Maar via de ander komen we er ook achter bij wie we ons niet thuis voelen. Wij en zij. Soms ervaren we de zij-groep zelfs als een bedreiging voor onze wij-groep. Zo verandert de ander in een tegenstander en in extreme gevallen zelfs in de vijand. In iemand die onze identiteit bedreigt en die we om die reden het liefst buitenspel willen zetten.
Verbondenheid via de Europese Unie
Niet alleen in Nederland maar ook in de rest van de wereld heeft de Tweede Wereldoorlog haarsporen achtergelaten in het denken over de bescherming van vrijheid en identiteit. Na de TweedeWereldoorlog zijn verschillende internationale organisaties opgericht om via samenwerking nieuwe oorlogen en mensenrechtenschendingen te voorkomen. Europese organisaties als de Europese Unie en de Raad van Europa zetten zich vandaag de dag ook in voor de bescherming van vrijheden van mensen en van groepen. Daarom is het belangrijk dat wij allemaal op 4 juni onze stem laten horen voor de Europese Unie.
Het spanningsveld tussen vrijheid en identiteit roept een stortvloed aan vragen op, lastige vragen soms. Die spanning doet zich niet alleen voor tussen mensen of groepen. Die spanning hoort bij de menselijke levensvorm. Het is niet zozeer zaak deze spanning weg te nemen, maar het streven moet er veeleer op gericht te zijn deze spanning te tolereren, zowel in onszelf als in onze samenleving. Het helpt als we bedenken dat we de ander nodig hebben omzicht te krijgen in onze eigen identiteit.
Het is de kunst om in vrijheid te leren leven met verschillen.
Want uiteindelijk is er altijd meer dat ons bindt dan dat ons scheidt.
