Wachtlijsten speciaal onderwijs opgelost

TEYLINGEN, 12 januari 2008 (UPDATE)  De wachtlijsten voor leerlingen met gedragsproblemen die zijn aangewezen op het speciaal onderwijs, zijn opgelost in de de Duin- en Bollenstreek en de Leidse regio. Dat stelt Onderwijs-wethouder Henriëtte Wilbrink-Dreef van de gemeente Teylingen. Samen met anderen heeft ze zich hard gemaakt voor de komst van het P.C. Hooftcollege in Sassenheim. Dit is een dependance van de Prof. Dr. Leo Kannerschool, een school voor speciaal onderwijs. Het P.C. Hooftcollege wordt maandag 14 januari officieel geopend door staatssecretaris Sharon Dijksma van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. (Tekst: Brenda Filippo)

Het P.C. Hooftcollege bevindt zich in de oude Kompasschool aan de Jacoba van Beierenlaan in Sassenheim. De school telt 15 leerlingen en kan doorgroeien tot 50. Deze dependance richt zich op praktijkgericht onderwijs en voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs (vmbo) aan leerlingen van 12 jaar en ouder met gedragsproblemen. “Het speciaal onderwijs werkt met kleine klassen. Er zijn nu twee groepen. Maar we weten nu al dat er weer meer leerlingen bijkomen, omdat het aantal scholieren dat een indicatie heeft voor dit type onderwijs, groeit”, zegt Wilbrink-Dreef.

Het college van B en W heeft besloten om het monumentale schoolgebouw voorlopig vijf jaar voor deze functie ter beschikking te stellen. “Ik ben ontzettend blij dat Teylingen op deze manier heeft kunnen bijdragen aan de oplossing van het probleem van de wachtlijsten”, stelt Wilbrink-Dreef. Wat er na die vijf jaar gebeurt, is nog onduidelijk. “Ik zou het heel plezierig vinden als de school in Teylingen blijft. Deze gemeente ligt toch heel centraal in de Duin- en Bollenstreek. Nieuwbouw is daarbij ook een optie.”

Het aantal kinderen en jongeren met gedragsproblemen en/of psychiatrische stoornissen dat is aangewezen op het speciaal onderwijs, is de laatste jaren sterk gegroeid. In deze regio is de Leo Kannerschool de enige aanbieder van voortgezet speciaal onderwijs voor deze groep leerlingen, die thuishoren in het zogeheten Cluster 4. “Als scholen nieuwe leerlingen aannemen, krijgen ze pas een jaar later het geld daarvoor. De vraag naar het speciaal onderwijs groeide de afgelopen jaren zo hard, dat de Leo Kannerschool de benodigde uitbreiding niet meer zelf kon financiëren”, verklaart Wilbrink-Dreef.

Zo ontstonden lange wachtlijsten, vooral voor leerlingen van 12 jaar en ouder. De leerlingen die op een wachtlijst stonden, konden niet altijd met wat extra begeleiding naar een reguliere school. Zij hadden behoefte aan de specialistische begeleiding en de kleinere klassen van het speciale onderwijs. Het gevolg was dat deze leerlingen soms thuis zaten en helemaal geen onderwijs meer kregen. “De rijksoverheid wilde ook niet inspringen”, vervolgt Wilbrink-Dreef. "Omdat de situatie onhoudbaar werd, hebben de gemeenten in het samenwerkingsverband Holland Rijnland gezegd: ‘We pakken het zelf op’. We betalen allemaal mee aan de uitbreiding van het speciaal onderwijs.”

De twaalf gemeenten dragen niet alleen bij in de kosten, maar een aantal van hen heeft ook ruimte gemaakt om nieuwe vestigingen van de Leo Kannerschool mogelijk te maken. Niet alleen in Sassenheim, maar ook in Leiden en Leiderdorp zijn locaties geopend. In Oegstgeest, waar hoofdvestiging van de Leo Kannerschool staat, gaat volgende maand ook een dependance open. In totaal gaat het om zo’n 425 leerlingen.

Algemeen directeur Peter Hooft (“Nee, de school in Sassenheim draagt niet mijn naam, maar die van de dichter P.C. Hooft.”) van de Leo Kannerschool is blij met alle ontwikkelingen. “Dit geeft veel lucht. We hebben sinds 2000 met grote wachtlijsten geworsteld. In Oegstgeest kampten we met ruimtegebrek dat we hebben opgelost met noodlokalen tot het niet meer kon.”

Ook oudervereniging DOC4 (Deskundige Ouders Cluster 4) slaakt een zucht van verlichting. “We zijn ongeveer acht jaar geleden opgericht vanwege de enorme wachtlijsten. Voor de meeste kinderen met een indicatie voor Cluster 4-onderwijs kon wel een soort oplossing worden gevonden. Ze bleven jaar langer op de basisschool of probeerden mee te draaien op een reguliere school, maar dat was allemaal niet in het belang van de ontwikkeling van de kinderen. Daarnaast was er een kleine groep kinderen voor wie zo’n oplossing niet mogelijk was en die dus thuis moest blijven. Heel dramatisch”, schetst Petra van der Plas van DOC4.

Van der Plas is zeer te spreken over de houding van politici en bestuurders binnen Holland Rijnland. “Als zij deze problematiek niet zo serieus hadden genomen, was dit nooit gebeurd.” Een groot pluspunt vindt ze ook dat door de uitbreiding in Leiden er nu ook havo- en vwo-gericht speciaal onderwijs is bijgekomen. “Dat was een grote wens van ons ouders.” Toch ziet Van der Plas de toekomst niet zorgeloos tegemoet. “Ik ben blij dat de wachtlijsten nu zijn opgelost, maar het probleem is niet uit de wereld, want de groei zal doorgaan.”

Hoe komt het toch dat er zoveel vraag is naar leerplekken voor kinderen en jongeren met gedragsproblemen en/of psychiatrische stoornissen zo spectaculair is gegroeid? Schooldirecteur Hooft zoekt de verklaring in de verandering van de maatschappij. “We hebben met elkaar een prestatiemaatschappij gecreëerd, waarin iedereen succesvol moet zijn. Er is eigenlijk geen gelegenheid om anders te zijn. Er zijn voor kinderen zoveel prikkels en uitdagingen bij gekomen en er is zoveel informatie te verwerken, dat kinderen met bijvoorbeeld autisme moeite hebben om dat allemaal te verwerken. Daarnaast is er sprake van betere en snellere diagnoses, waardoor gedragsproblemen en autisme sneller worden opgemerkt dan vroeger.”

Hoewel de gemeenten in het gat zijn gesprongen dat de rijksoverheid niet heeft willen dichten, is Wilbrink-Dreef er wel “principieel op tegen dat het rijk niet meer betaalt. Maar doordat het rijk niets deed, bleven kinderen steeds buiten de boot vallen. Ouders waren wanhopig. We moesten wel in actie komen.”

Net als de andere gemeenten binnen Holland Rijnland draagt Teylingen naar rato van het inwoneraantal bij aan de kosten van de uitbreidingen en groei van de Leo Kannerschool. In 2007 was dat 31.133 euro. Dit jaar ligt dat bedrag op 55.413 euro.

Hoewel Hooft meent dat het samenwerkingsverband Holland Rijnland “een wereldprestatie heeft geleverd” door het laten verdwijnen van de wachtlijsten, vindt hij het beleid van de rijksoverheid “van de gekke”. “In Nederland mogen geen nieuwe scholen voor speciaal onderwijs bijkomen. Maar voor het openen van een dependance is veel minder geld beschikbaar, dus er zijn altijd kosten die we niet vergoed krijgen, terwijl we ze wel moeten maken. Zo wordt er bijvoorbeeld geredeneerd dat een nevenvestiging geen directeur of conciërge nodig heeft of een kamer voor een psycholoog, want die zijn er toch al in de hoofdvestiging? Onzin natuurlijk.”

Het laatste woord over de hele kwestie is wat Wilbrink-Dreef en Hooft betreft nog lang niet gezegd. “Ik zal er maandag over in discussie gaan met de staatssecretaris”, belooft Hooft. Ook is er nog altijd een briefwisseling gaande tussen Holland Rijnland en de staatssecretaris over de problematiek. “Het blijft voor ons een aandachtspunt om het rijk hierop aan te spreken. Er moet een passend antwoord komen op de groeiende vraag naar speciaal onderwijs”, vindt Wilbrink-Dreef.